Home

Trefwoorden

Passerelle (communautaire)

Het Verdrag van Maastricht heeft de mogelijkheid ingevoerd om de communautaire voorschriften toe te passen op bepaalde gebieden van de politiële en justitiële samenwerking.

Sinds de inwerkingtreding van het Verdrag van Amsterdam kunnen de communautaire voorschriften worden toegepast op alle gebieden van de politiële en justitiële samenwerking die in titel VI van het Verdrag zijn opgenomen. Voor deze "communautarisering" zijn eenparigheid binnen de Raad en ratificatie door elke lidstaat vereist.

Zie:

Communautarisering
Justitie en Binnenlandse Zaken (JBZ)

Pijlers van de Europese Unie

In het communautaire jargon is er sprake van drie pijlers van het Verdrag betreffende de Europese Unie, waarmee de drie categorieën worden aangetekend voor de verdeling van de verschillende gebieden waarop de Unie in verschillende mate en op verschillende manieren optreedt:

    ● eerste pijler: de communautaire dimensie, die overeenkomt met de bepalingen van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, de EGKS en Euratom: burgerschap van de Unie, beleidsterreinen van de Gemeenschap, Economische en Monetaire Unie, enzovoort;

    ● tweede pijler: het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid, dat wordt behandeld in titel V van het Verdrag betreffende de Europese Unie;

    ● derde pijler: de politiële en justitiële samenwerking in strafzaken, die wordt behandeld in titel VI van het Verdrag betreffende de Europese Unie.

Het onderscheid tussen deze drie pijlers houdt voornamelijk verband met de bepalingen die erop van toepassing zijn. Voor de eerste pijler wordt de communautaire methode gehanteerd, voor de tweede en de derde pijler de intergouvernementele methode.

Zie:

Communautaire en intergouvernementele methoden
Institutioneel Kader (één ...)
Communautarisering

Terug naar de inhoudsopgave